Crisisbeheersing en OTO

Zorginstellingen bereiden zich voor op rampen en crises dit kan een crises zijn in de eigen organisatie (interne crises) of zij kunnen een rol spelen in de zorg van slachtoffers van crises elders (externe crises).

Op grond van vigerende wetgeving zijn instellingen in de zorg zelf verantwoordelijk voor de preparatie op een ramp of crises. Het leveren van verantwoorde zorg in bijzondere omstandigheden vereist extra vaardigheden die (kunnen) afwijken van het reguliere dagelijkse werk. Met het ondertekenen van het convenant Opleiden, Trainen en Oefenen (OTO) tussen de ministerie van Volksgezondheid en de koepelpartijen is het mogelijk jaarlijks gebruik te maken van stimuleringsgelden ter ondersteuning van de voorbereiding op een ramp of crisis.

In 2014 hebben de OTO gelden een structureel basis gekregen middels een aanwijzing van de minister, sindsdien is er sprake van een landelijk OTO programma. Tegelijkertijd zijn er nieuwe afspraken gemaakt met de NZa over een uniforme aanvraag en verantwoording procedure.

Regionaal

Taken Stafadviseurs SpoedZorgNet:

  • vormt de verbinding tussen de verschillende ketenpartners bij de Crisisbeheersing en OTO;
  • toetst de aanvragen vooraf en coördineert de verantwoording door de accountant achteraf in de regio;
  • is de trekker van de regionale projecten en ondersteunt de zorginstellingen in activiteiten waar nodig;
  • in landelijk Platform Crisisbeheersing en OTO wordt er gewerkt in landelijke werkgroepen, kennis wordt gedeeld, adviezen aan de programmaraad Crisisbeheersing en OTO worden geformuleerd.

De organisatie en het beleid rondom Crisisbeheersing en OTO wordt landelijk en regionaal vorm gegeven.

Landelijk
Diverse ketenpartners werken in het landelijk OTO-project samen aan een adequate voorbereiding van de zorgsector op rampen en crises. In 2012 is een Landelijk Beleidskader OTO vastgesteld. In het beleidskader zijn duidelijke afspraken gemaakt over taken en verantwoordelijkheden binnen het landelijke OTO-project met een uniforme inhoudelijke en financiële verantwoording uit de regio’s. Het beleidskader zorgt voor een duidelijke verbinding tussen de regionale initiatieven, maar laat wel ruimte voor regionaal maatwerk en accentverschillen.

Deel deze pagina